Stam in camouflagekleuren

Plataan bast. Foto Koos Dijksterhuis

Misschien geven ze een vakantiegevoel, omdat ze in andere mediterrane landen groeien. In Frankrijk zetten platanen terrassen en petanquebaantjes in de schaduw. Onder dichte plataankruinen kan het schemeren, maar het zonlicht kan ook door het groene filter heen dwarrelen. Niet voor niets zijn platanen geliefd als dak-boom, waarbij de kruin als een parasol wordt uitgeleid. Platanen laten zich goed leiden. Ongeleid kunnen ze wel dertig meter hoog worden.

Platanenblad kleurt in de herfst geel en roestrood. Het blijft tot eind oktober, november zitten. Vervolgens valt het in een paar dagen tijd af. Enorme bergen platanenblad vormen zich op straat en in de tuin. Mijn tuin, want ik woon aan een pleintje met vier platanen. Platanen zijn doorgedrongen tot Noord-Nederland.

De platanen die in Nederland zijn aangeplant, zijn vaak een mix van oosterse platanen uit Zuidoost-Europa en westerse platanen uit Noord-Amerika. De oosterse heeft dieper ingesneden blad en meer bloemetjes bij elkaar. Maar blad of bloemen zijn er nu toch niet.

Wel hangen er bolletjes aan de takken. Dat zijn de vruchten. Ze zitten in een bast die er stekelig uitziet. Ik liet de kinderen eens een plataanvrucht in het kommetje van mijn handen zien. ‘Kijk toch eens wat een schattig egeltje’, zei ik. Ze trapten er zonder argwaan in. Na de winter zullen uit die bolletjes de zaden zweven. Ze zweven dankzij hun haren, gele haren die bij sommige mensen een allergische reactie kan oproepen.

Wat platanen het hele jaar hebben, is die bast in camouflagekleuren. Of beter: het hele jaar verliezen ze die bast, want juist door dat afbladderen krijgen die stammen telkens nieuwe flarden geel, groen, grijs en bruin.