Spannende spanner

Herfstspanner. Foto Koos Dijksterhuis
Herfstspanner. Foto Koos Dijksterhuis

Ik laat ’s avonds maar heel even de deur open of daar dwarrelt een vlinder naar binnen. De nachtvlinder neemt plaats op het kozijn. Gezien de datum is het een herfstspanner. Waarschijnlijk zelfs de herfstspanner. Herfstspanners hebben de grijze bandering die deze heeft. Maar dat hebben novemberspanners ook. Ik zoek ze even op op Vlindernet. Daar lees ik iets over een V-vormig vlekje op de voorvleugel van de novemberspanner en warempel, dat heeft deze. Dan zal het wel een novemberspanner zijn. Maar het is geen sluitend onderscheid. Om zeker te zijn, moet ik de genitaliën onder loep nemen. Ja zeg, die arme spanner vindt het hier zo vast al spannend genoeg.

De novemberspanner is meestal egaler van kleur. Deze is zo duidelijk gebandeerd, dat het wel eens een bleke novemberspanner zou kunnen zijn. Maar nee, die is wel heel bleek en bovendien zeldzaam. Zo’n zeldzaamheid vliegt vast niet zomaar mijn woonkamer binnen. Ik houd het maar op de herfstspanner.

Hoe dan ook een herfsspanner. Herfstspanners worden onweerstaanbaar aangetrokken tot licht, maar vliegen in de duisterende maanden oktober en november. Op berken en andere loofbomen zetten ze eitjes af. Die wachten tot de lente met uitkomen. Dan kruipen ze een tijdje rond, berkenblad etend. Die rupsen lopen niet golvend of kronkelend maar ze trekken hun achterpoten in tot hun lijf een omega vormt, met een hoefijzervormige lus. Dan strekt de rups zijn lijf uit naar voren, een gespannen wijze van voortbewegen waar spanners naar genoemd zijn.

De herfstspannerrups graaft zich na enige tijd in en brengt de zomer ondergronds door als pop. Pas eind september komen de eerste vlinders boven.

(Natuurdagboek Trouw 9 okt. 2013)