Spaanse libel

Gevorkte rombout. Foto Koos Dijksterhuis

Als we in Spanje op wandelvakantie zijn, volgen we vanuit het Andalusische dorp Montejaque een beek bergopwaarts. We hebben nog vrijwel geen libellen gezien, omdat we door droge streken lopen. Maar als we aan de ever van dit beekje een stokbrood soldaat maken, zien we enkele middelgrote libellen.

De libellen zijn geelgroen. Eén ervan fladdert vlak boven het heldere water en steekt haar achterste in de beek. Ze is eitjes aan het leggen. Libellenlarven leven in het water. Als ze groot zijn en hun wilde haren af willen schudden, kruipen ze langs een waterplant of steen het water uit, waarna hun huid opensplijt als de rits in een surfpak. Ze wurmen zich eruit, “uitsluipen” wordt dat genoemd, en laten hun huid achter. Zelf gaan ze in de zon zitten opdrogen en pompen ze hun vleugels op tot die strak staan.

Ik trek mijn bergschoenen uit en wankel blootsvoets over de keien naar het beekje, waar ik mijn voeten in het water laat hangen. Aan de zijkant van de steen waarop ik zit kleeft een knalgroene libel. Ook zijn vleugels zijn groen. Ik vraag me af waarom hij niet is weggevlucht. Even later stoot ik hem per ongeluk aan. Hij verschuift een centimeter maar blijft zitten.

Ik klim de oever weer op, eet wat en check na een tijdje of ie er nog zit. Nee, hij is weg. Wel zie ik een groene libel neerstrijken op een steen, maar zijn vleugels zijn niet groen. Later besef ik dat het cast dezelfde is, wiens vleugels inmiddels zijn opgepompt en uitgekleurd. Dat groene lijf moet wellicht nog wat geliger worden.

Zijn uit elkaar staande ogen en ietwat verdikte achterwerk doen aan de libellenfamilie der rombouten denken, maar welke dan? Op twee determinatiesites zeggen kenners dat het de gevorkte rombout is, een zeldzaamheid die achteruitgaat en hier en daar in Zuid-Frankrijk, Spanje en Portugal voorkomt. Maar waar precies is niet bekend. In elk geval bij dat beekje in Montejaque!

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 21 juni ’19)