Sombere honingzwamvlok

Sombere honingzwam. Foto Koos Dijksterhuis
Sombere honingzwam. Foto Koos Dijksterhuis

In Loppersum is een grasveldje dat nauwelijks gebruikt maar om de haverklap gemaaid wordt. Daardoor is het veldje verschraald en groeien er veel pinksterbloemen en brunels, die alweer gemaaid zijn voor ze bloeien.
Het veldje ziet bruin van de paddestoelen. Paddestoelen schieten in gunstige tijden als zichzelf uit de grond. Gunstige tijden zijn vorstvrij en vochtig. Tussen de maaibeurten door staan de zwammen in rijen opgesteld. Het lijken wel heksenkringen. Maar dat zijn het niet. Ze groeien in rijen, omdat ze onder de grasmat stiekem met hun zwamvlok op boomwortels staan.

Het zijn honingzwammen. En hoe zoet dat ook klnkt, het zijn wel sombere honingzwammen. Sommige hebben een hoed van wel twaalf centimeter doorsnee. Ze zijn bruin, vlekkerig en vochtig. Ze zijn niet plat, ze zijn zo grillig als een golfplaten afdak. Van opzij kijk je deels tegen de boven-, deels tegen de onderkant aan. Die onderkant hangt vol lamellen. Aan die plaatjes vormen zich de sporen. Mochten de sombere honingzwammen gemaaid worden, voor ze sporen kunnen achterlaten, dan is er in de grond altijd nog hun mycelium, hun zwamvlok.

En zo’n zwamvlok kan groot zijn! Weet u nog dat er in deze krant stond dat in Oregon, VS, het grootste levende wezen ter wereld was ontdekt? Dat is ook al anderhalf jaar geleden. In het Malheur National Forest staat een honingzwam met een zwamvlok van bijna negen vierkante kilometer. Een sombere honingzwam in het Malheur-woud, je verzint het niet.

Ergens in Zwitserland staan sombere honingzwammen op een duizend jaar oude zwamvlok van 800 bij 500 meter. In Loppersum doen ze het met een veldje van 10 bij 6. Tot de vorst komt. Of de grasmaaier.

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 28 nov. 2014)