Sleedoorn zes weken te vroeg

Sleedoorn. Foto Koos Dijksterhuis
Sleedoorn. Foto Koos Dijksterhuis

Volgens mij zijn de pruimen en bladeren nog maar net van de sleedoorns gevallen, of de eerste staan alweer in bloei. Zondag zag ik een jonge sleedoorn bloeien. Deze krant meldde de volgende dag dat de natuur zes weken voor de fanfare uitholt, en dat doet die sleedoorn inderdaad, want sleedoorn hoort pas eind maart te beginnen.

Sleedoorn is een struik met hard hout en lange, scherpe doorns, die vaak in bosranden of hagen staat. Samen met meidoorns zijn sleedoorns niet alleen een geschikte omheining en een veilige broedplek voor zangvogels, maar zorgen ze bovendien voor wekenlange pracht en praal.

Eerst bloeien de sleedoorns met een wit waas dat steeds blinkender wordt. Intussen bereiden de meidoorns hun lentegroene blaadjes voor op uitbotten. Terwijl de sleedoornbloemen uitbloeien en overvleugeld raken door de bladeren, worden de meidoorns eerst fris groen en vervolgens wit van hun eigen bloemen.

Sleedoorns zijn wilde pruimen. In de herfst vormen ze hun kleine, paarse vruchten, terwijl meidoorns rood worden van de bessen. Voor vogels zit daar veel te eten bij, maar mensen eten meidoornbessen noch sleedoornpruimen. Die laatste zijn alleen na vroege nachtvorst een beetje eetbaar. Dan maken ze suikers aan als antivries. De vruchten worden vooral in Servië gebruikt voor pruimenjenever (slivovitz; “sli” is misschien wel verwant aan “slee”). Maar uit de hand zijn ze meestal niet te pruimen. Sleedoorn is er voor de sier, de vogels en desgewenst als stekelige omheining.

De doorns zijn vaak de toppen van takken. Sleedoorntakken eindigen dan in een knoeperharde, scherpe punt. Zeer geschikt tegen ongewenste bezoekers. Daarom zie je ’s winters in kale sleedoorns vaak vogelnestjes zitten. Kijk maar gauw, voor ze blad vormen.

(Natuurdagboek Trouw woensdag 10 feb. 2016)

Sleedoorn zes weken te vroeg
DELEN