Rode hoed

Braakrussula. Foto Koos Dijksterhuis
Braakrussula. Foto Koos Dijksterhuis

In de zomer kun je al heel wat paddestoelen vinden. Nu het iets vochtiger wordt, schieten de inktzwammen de grond uit. Onder beukebomen verschijnen eekhoorntjesbrood en andere boleten. In dennenbossen kun je zwammen met scharlakenrode hoeden vinden: russula’s. Sommige hebben een spierwitte steel. Als die rode hoed een beetje plakkerig is, die bovendien fruitig ruikt, is het vast en zeker een braakrussula. Wilt u dat zeker weten, neem dan een hapje. Als de smaak zeer scherp is en u braakneigingen en heftige diarree krijgt, dan was het beslist een braakrussula.

De braakrussula groeit in de dennenbossen van Schiermonnikoog. Onlangs verscheen weer een gidsje over de eilander natuur, vervaardigd door Thijs de Boer die ook al boekjes over schelpen, planten, vogels en vlinders maakte. Elk gidsje maakt hij samen met een expert. In dit geval is dat paddenstoelenkenner Erik Jansen, op Schiermonnikoog werkzaam bij Natuurmonumenten. Het is zoals altijd weer een handzaam, overzichtelijk en betaalbaar boekje met mooie foto’s en weinig woorden.

Paddestoelenboeken kunnen niet volledig zijn, ook al beperkt een gidsje zich tot de paddestoelen van Schiermonnikoog. Er zijn ook zoveel soorten. Ik zoek een felrood zwammetje op, en twijfel tussen zwartwordende wasplaat en oranjegeel trechtertje. Maar het is een vuurzwammetje en het vuurzwammetje staat er niet in. De auteurs beperkten zich tot echte kustpaddestoelen. Zoals het zandtulpje, een soort bekerzwam die in strandzand groeit op rottende wortels van helmgras. Ook de grote parasolzwam is present, die met zijn enorme hoeden de duinen kan domineren. Die zijn goed te eten, trouwens, nadat je de pissebedden uit de hoeden klopt. Maar een braakrussula zou ik niet eten, hoe rood zijn hoed ook is.

(Natuurdagboek Trouw 30 juli 2013)