Rockende zangers uit het zuiden

Waar zit de Cetti’s zanger? Foto Koos Dijksterhuis
Waar zit de Cetti’s zanger? Foto Koos Dijksterhuis

Zoals elk jaar ga ik met oude vrienden vogels kijken. We zijn weer ouder geworden, maar nog redelijk fit. Om acht uur melden we ons in de Brabantse Biesbosch. Daar verwelkomt Biesboswachter Jacques van der Neut ons in zijn bootje.

Reeds voor de trossen los gaan, tettert er een cetti’s zanger. Cetti’s zangers rukken op uit Zuid-Europa. Het zijn kleine moerasvogels die zich goed verstoppen. Hun onzichtbaarheid compenseren ze met een zangvolume dat nachtegaal en winterkoning overtreft. Ze beginnen met een scherp ‘ziet’, waarna een snoeiharde rock-‘n-roll-riedel volgt. Een jaar of vijf geleden schoot het aantal Cetti’s zangers omhoog en intussen hebben ze Utrecht en Noord-Holland al bereikt, maar de Biesbosch is hun Nederlandse hoofdkwartier. We horen de ene na de andere.

We proberen ze in het vizier te krijgen, maar als je op je tenen naar de geluidsbron sluipt, zwijgt de zanger meteen. In het beste geval zien we een donkerbruin vlekje van kniehoogte naar beneden schieten, tussen riet en ruigte. Vervolgens klinkt zijn ‘ziet!’ drie meter verderop.

De vogel is genoemd naar de achttiende-eeuwse monnik Francesco Cetti, die de natuur op Sardinië bestudeerde. Daar en in andere mediterrane landen zijn Cetti’s zangers zo talrijk, dat het de aanhouder zeker lukt ze eens duidelijk in beeld te krijgen. Dan blijkt de Cetti’s zanger een echt zangertje te zijn: klein en grauw. Toch kan zijn bruine rug als een kastanje glanzen in de zon. Hij spreidt zijn staart soms als een waaier. Zijn is borst lichtgrijs, net als de wenkbrauw boven zijn oogje. Maar van andere soorten zangers onderscheidt hij zich vooral met zijn swingende lied. De oude vrienden maken er een dansje op. De boswachter lacht.

(Natuurdagboek Trouw dinsdag 12 april 2016)