Poepende schapen

Schapen in duinen, Foto Koos Dijksterhuis

De duinen zijn overwoekerd door duindoorns, dauwbramen, berken, dennen, meidoorns, duinrozen, kruipwilgen en een heleboel gras. We hebben ontwaterd, aangeplant en met meststoffen vervuild. De konijnen verdwenen als gevolg van myxomatose en konijnengriep. Het groen tierde welig.

Natuurbeheerders willen het kortharige duin met stuifzand terug. Want dat herbergt vochtige valleien met bijzondere bloemen, en duinvogels zoals tapuiten, wulpen en ooit kiekendieven en grielen. En zoals het natuurbeheerders betaamt, grijpt men naar het alom gewaardeerde wondermiddel voor alle problemen: grote grazers. Zefs de zompige zeeklei in de Oostvaarderplassen is in een zandwoestijn omgezet, dus dan moet het met de duinen zeker lukken.

Dat lukt ook, maar bijzondere bloemen en vogels krijg je er niet mee terug. Integendeel. Schapen grazen minder woest dan runderen, maar ook begrazing door schapen pakt zinloos of zelfs averechts uit. Schapen weten zelfs de hei te vernielen. De hei die ze in vroeger eeuwen juist maakten. Dat komt doordat ze weliswaar gras eten, maar het als mest weer uitpoepen. Vroeger stonden ze ’s nachts op stal en wat ze daar poepten, werd gebruikt als mest op de moestuin en als bouwmatriaal. Plaggen. Nu blijven ze buiten en met hun mest verspreiden ze graszaden.

Ook de hekken, veeroosters, voederplekken, scheer- en opvangkralen met hun onvermijdelijke toegangswegen die met de grazers meekomen, doen de duinen geen goed.

Peter Boer stelt in KNNV-blad Natura dan ook vast dat schapen de vergrassing doen toenemen. Boer onderzoekt dat in de duinen van Bergen aan Zee. Schapen moeten daar de korstmosvegetatie beschermen tegen het gras, en dat pakt dus averechts uit. Schapen vertrappen bovendien de korstmossen. Ze vertrappen ook mierennesten.