Pizzamerel en andere vogels in het net

Blauwborst op schoot bij Henri. Foto Koos Dijksterhuis
Blauwborst op schoot bij Henri. Foto Koos Dijksterhuis

Zeshonderd meter mistnet staat er langs de rietvelden en moerasbossen achter het veldstation van de Vrije Universiteit op Schiermonnikoog. Er worden zangvogels gevangen en geringd, gemeten en gewogen, voor onderzoek naar vogeltrek. De vogelringers lopen van voor zonsopgang tot na zonsondergang langs de netten, om vogels te bevrijden.

“Deze roodborst hebben we vanmorgen al geringd”, zegt Henri Bouwmeester. “die mag weer vrij.” Sommige vogels laten zich vaak vangen, zoals de pizzamerel. “Die was door een sperwer verwond”, herinnert Hanneke Huiskamp zich. “Elke morgen hing hij in het net. Ik heb hem in het dorp losgelaten. Maar toen ik teruggefietst was, bleek hij alweer in het net te hangen!”

Vogels zijn soms verrassend honkvast. De merel wilde gewoon naar huis. “Waarom noemen we hem eigenlijk pizzamerel?” vraagt Hanneke. “Omdat ie aan huis bezorgd werd”, grijnst Henri, terwijl hij een staartmees vrijlaat. De volgende is een blauwborst, een jong mannetje, met roodbruine staart maar nog geen blauwe borst. “Die vangen we de laatste jaren vaker”, zegt Henri, “ze nemen toe in de rietvelden langs de Reddingsweg.” Blauwborsten houden van riet met wilgenopslag. Uit dezelfde rietvelden is de sprinkhaanzanger afkomstig. Henri laat zijn prachtige waaierstaart zien. Dan komen twee sijzen aan de beurt, een volwassen vrouwtje en een jonkie. Het vrouwtje heeft een kale, rode buik. “De broedvlek”, zegt Henri, “goed doorbloed en zacht als boter. Er broeden meestal twee, drie paar sijzen op Schier, maar deze zomer zijn er al vijftig geringd!”

Twee roodborstjes en enkele fitissen later is het tijd voor een nieuwe ronde. Er zijn maar twee vogels gevangen. Een heggemus en een kleine karekiet. “Halverwege de middag is het altijd rustig”, zegt Hanneke. “De vogels houden siësta.”

(Natuurdagboek Trouw maandag 10 aug. 2015)