Ooievaars nestelen in dorp

Ooievaars. Foto Sander Huizinga
Ooievaars. Foto Sander Huizinga

Vogelliefhebber en –beschermer Maria Quist vertelde me dat er afgelopen zomer een bewoond ooievaarstnest in Dwingeloo was. Zijn ooievaars altijd bijzonder, deze zijn nog bijzonderder, omdat ze zelf een nest maakten op een zelfgekozen plaats: in een eik, pal voor het medisch centrum in het dorp. Het is voor zover bekend het eerste broedgeval in Drenthe op een zelfgemaakt nest in een dorpskom. Quist stuurde er een persbericht over rond.

De ooievaars brachten vier jongen groot, die na ruim acht weken zijn uitgevlogen. Ze hebben nog een tijd door de velden rond Dwingeloo gestapt, maar zijn nu vertrokken naar het zuiden. Veel gefokte ooievaars overwinteren in Nederland, sommige worden zelfs bijgevoerd met eendagskuikens. Maar de Dwingeloose uivers maken een alleszins natuurlijke indruk.

De vogels waren in de jaren 1970 bijna uit Nederland verdwenen, maar zijn door fokprogramma’s teruggekomen. Ze verdwenen als gevolg van landbouwmethoden. Door ruilverkaveling, verlaging van het grondwaterpeil, intensief bemesten en vroeg grasmaaien verdween hun voedsel. Ooievaars eten onder meer muizen, ratten, mollen en emelten, de larven van langpootmuggen. In hun Afrikaanse overwinteringsgebieden kampten de ooievaars met droogte en met chemische bestrijding van sprinkhanen en rupsen. In Afrika en tijdens de trek werden de vogels bejaagd. De laatste jaren zijn hoogspanningsleidingen een groeiende oorzaak van sterfte.

Vanuit de wachtkamer van het medisch centrum konden patiënten de ooievaars zien en horen klepperen. De zoon van huisarts Huizinga fotografeerde en filmde ze met een drone. Het medisch centrum is van alle medische markten thuis – ook een verloskundigenpraktijk ontbreekt niet. Als de ooievaars hun winterreis overleven, keren ze in de lente vast terug naar Dwingeloo. Ooievaars zijn niet zo trouw aan hun partner, maar wel aan hun nest.

(Natuurdagboek Trouw dinsdag 17 nov. 2015)