Noodklok voor grote karekiet

Grote karekiet. Foto Rob Buiter
Grote karekiet. Foto Rob Buiter

“Voor de grote karekiet is het vijf voor twaalf”, zegt moerasvogelonderzoeker Jan van der Winden. Grote karekieten nestelen in riet. Hoog, groot en stevig riet, sterk genoeg om het grote-karekietennest te dragen. Zulk riet groeit in water van wisselende diepte. Het kan meegroeien met overstromingen, het kan hier eens wegslaan, elders aanslaan.

Al is Nederland vanouds hét land van water en van riet, een karekietenland bij uitstek, met de grootste rivierdelta van West-Europa, er is geen land in West-Europa waar deze vogel er zo slecht voorstaat. “Dat komt door het starre waterbeheer”, zegt Van der Winden. “Voor de landbouw wordt het waterpeil constant gehouden., of ’s zomers hoog en ’s winters laag, volstrekt tegennatuurlijk. Voorzover er nog rietvelden zijn, veranderen die daardoor in moerasbos.”

Tegen onnatuurlijke waterstanden is geen natuurontwikkeling opgewassen. ‘s Lands moerassen zijn goed voor kleine karekieten, zilverreigers en sommige andere moerasvogels, maar grote karekieten kunnen het zonder dat stevige waterriet wel schudden. Geen land offert zijn natuur zo rigoureus aan landbouw-opbrengsten als Nederland. Waarin een klein land groot kan zijn!

Na het ontstaan van grote rietvelden in de Oostvaardersplassen, zag ik daar eind jaren ’70 grote karekieten. Ik zag ze in de Rijnstrangen bij Arnhem, in de Nieuwkoopse Plassen en in de Loosdrechtse Plassen. Op een paar eilandjes na in de randmeren, zijn de Loosdrechtse Plassen ’s lands laatste bolwerkje.

Natte rietveldjes staan onder druk van waterrecreatie en grauwe ganzen, die riet grazen en die enorm in aantal zijn toegenomen. Maar met een natuurlijker waterbeheer en beschermingsmaatregelen zou het tij te keren zijn, meent Van der Winden. De grote karekiet is dan ook één van de elf bedreigde soorten waarvoor Vogelbescherming een actieplan beraamt.

(Natuurdagboek Trouw donderdag 16 juli 2015)