Lepelblad bij bossen

Deens lepelblad. Foto Koos Dijksterhuis
Deens lepelblad. Foto Koos Dijksterhuis

Tot mijn verrassing zie ik bossen lepelblad bloeien, aan de oever van een kanaal in één van de modernste weidegebieden ter wereld. In de Wieringermeer, onder de rook van de A-7, bij het landbouwindustrieterrein Agriport.

Die bossen lepelblad vind ik, als ik naar de oever van een kanaal loop, om te zien welke eenden daarin zwemmen. Kuifeenden.

Lepelblad is verdraagzaam wat zout betreft. Dat betekent dat de plant in een zout milieu in het voordeel is ten opzichte van andere soorten. De Wieringermeer was ooit zee, maar het water hier lijkt me allesbehalve brak. Het brakke water wordt al jaren uit de landbouwgronden gehouden, door er zoet water heen te stuwen. Maar misschien waait er een snufje zeezout over.

Hoe dan ook, temidden van het sterk bemeste, nu al kniehoge raaigras zorgen de bossen lepelblad voor een maagdelijk witte lentetoets. “Deens lepelblad komt vrij veel voor op Wieringen”, lees ik in de Nederlandse Oecologische Flora. Maar Wieringen is niet de Wieringermeer.
Niet dat hier verder helemaal niets groeit, maar wel bijna niets. Ik kom in de wijde omtrek één paardenbloem, één kleine veldkers, één koolzaad, één hondsdraf en één gewone ereprijs tegen. De alleralgemeenste, allergemakkelijkste soorten. Er zoemt geen bij, er fladdert geen vlinder. In de groene weiden is tot aan de horizon geen graspieper, kwikstaart, leeuwerik, kievit, grutto of andere weidevogel te bekennen.

Als je niet weet hoe zinderend van het leven de Nederlandse weilanden ooit waren, word je niet eens weemoedig van het dode land van nu. Weet jij veel. Groen gras is toch ook mooi? Een paar kuifeenden in het kanaal. En nog lepelblad ook! Je zou het natuur kunnen noemen.

(Natuurdagboek Trouw dinsdag 12 mei 2015)