Lente in Houtrak

Foto Koos Dijksterhuis

Je zou het haast vergeten, maar een week voor de winter inviel was het al lente. Ik wandel op een stralende zondag door de Houtrakpolder, halfweg Amsterdam en Haarlem. Er wandelen twee oude vrienden mee, één is al 50! Uit station Halfweg benen we langs een recreatiebosje en een golfterrein over een oude dijk. Hier klotste vroeger het IJ, het Spaarne stroomde er langs, er was eb en vloed, er zwom van alles uit zee binnen, tot bruinvissen aan toe. Die kwamen via de Zuiderzee. Nu is de Noordzee dichterbij, maar bruinvissen passeren de sluizen van IJmuiden niet. Het IJ is ingepolderd, het landschap zit klem tussen rechte paden, rechte snelwegen, rechte kanalen en rechte hoogspanningsleidingen. Alleen de oude dijk kronkelt.

De skyline bestaat uit reuzenhijskranen en elke vijf minuten buldert een vliegtuig zo laag over, dat ik de neiging voel tot bukken. Dankzij die vliegtuigen hoeven we geen pijnlijke stiltes te vrezen.

De Houtrakpolder is vijf jaar geleden uit productie genomen en ingezaaid met granen, grassen en onkruiden. Het krioelde er van de veldmuizen, woelratten, velduilen, kiekendieven, valken, gorzen, mussen, vinken, duiven, leeuweriken en kieviten. Nu zijn de velden dichtgegroeid met gras. Het is drassig; de muizenholen concentreren zich op het iets verhoogde paadje. Er zwenkt een blauwe kiekendief voorbij, er bidt een torenvalk, maar de weelde van weleer is voorbij.

We wandelen verder, jassen en truien uit, pas in Spaarndam is er koffie. Er bloeien elzenkatjes. Er hangen affiches tegen een huisjespark. Bij een moestuin staat geschilderd:: ‘geen hondenschijtplaats’. Rood zakt de zon in het water van de Mooie Nel. Langs de rietkraag lopen we naar Haarlem, dat ons verwelkomt met een oogverblindend bedrijventerrein.

( Natuurdagboek Trouw, 31 jan. 2013 )