Korstzwam trilzwam

Gele korstzwam. Foto Koos Dijksterhuis
Gele korstzwam. Foto Koos Dijksterhuis

In het bos vond ik op een rottende boomtak een piramidevormig soort van elfenbank. De zwammen waren gelig, een beetje viltig van boven en glad van onderen. Ze staken bovendien als dakpannen uit de tak, half overelkaar. Via waarneming.nl kwam ik erachter dat het een gele korstzwam moest zijn. Bij korstzwammen denk ik aan schimmelige plakkaten, die zich als witte, zwarte, grijze, groene of gele pannekoeken om een tak heen draperen. Maar korstzwammen kunnen er dus ook als echte zwammen uitzien. Maar het zijn geen echte paddestoelen, het zijn uitstulpingen van de paddestoelenplak. Zwamkundigen noemen ze schijnhoeden.

Gele korstzwammen leven van dood hout, liefst loofhout, en vooral als dat op stapels ligt. Ze zijn niet zeldzaam en ze zijn niet opvallend, al vallen ze in de winter meer op, omdat er dan verder weinig groeit en bloeit.

Ze schijnen ook wel eens op levend hout te groeien, maar dat is uitzonderlijk, het zijn geen parasieten. Omgekeerd worden gele korstzwammen wel geparasiteerd, en wel door een trilzwam. Trilzwammen zien er gelei-achtig uit, schrompelen ineen als het vriest, maar zwellen weer op als het dooit. Daardoor zijn ze behoorlijk vorstvast, ze laten zich midden in de winter zien. Trilzwammen groeien op dood hout. Maar ze leven niet van dood hout, ze leven van andere schimmels, korstzwammen bijvoorbeeld. De trilzwam die op gele korstzwammen parasiteert, is Tremella aurantia, oftewel de gouden trilzwam. Hij wordt ook wel gouden oor genoemd, analoog aan de trilzwam Judasoor, maar de gouden trilzwam lijkt meer op de gele trilzwam dan op het bruine judasoor.

De zwamvlok van het gouden oor wordt soms gekweekt op eveneens gekweekte gele korstzwammen, voor onderzoek naar toepassingen in voeding en medicijnen.

(Natuurdagboek Trouw donderdag 22 jan. 2015)