Koolzaad koolraap knolraap raapzaad

Noordermolen. Foto Koos Dijksterhuis
Noordermolen. Foto Koos Dijksterhuis

In Groningen staan de koolzaadvelden in bloei. De gele bloemenzeeën trekken met hun weeë geur insecten aan en daarop jagen weer kwikstaarten en graspiepers. Voordat het koolzaad de akkers kleurde, kleurde het de bermen en slootkanten al. Toch?

Toch niet. Wat al een tijdje de bermen en slootkanten kleurt, is eerder raapzaad of mosterd. Al die kruisbloemigen uit de koolfamilie lijken op elkaar en ik begin er niet aan ze te determineren. Maar dat de gele bloem op de foto geen koolzaad is, durf ik wel te stellen. Koolzaad heeft minder compacte bloemtrossen met de knoppen bovenaan. En het bloeit later dan deze al weken bewaarde foto. Daarop zal wel raapzaad zijn, al mist de plant die turquoise gloed die raapzaad meestal heeft. Misschien is het ook wel zwarte mosterd. Of herik, nog een familielid. Als u het weet, mag u het zeggen.

Ik vind ze allemaal even mooi. Allemaal? Nou, ik heb een lichte voorkeur voor raapzaad. Dat komt doordat een vriend van mijn vader, tegen wie ik als kleuter oom zei, mij knulletje knolraap noemde. En knolraap is de knol van een soort raapzaad. Het is een wit met paarse knol met een lange penwortel. Ik werkte ooit in een ecologische winkel en verkocht daar knolrapen en andere vergeten groenten, die tegenwoordig weer hip zijn. Koolraap is een grotere knol uit de familie van kool- en raapzaad. Het loof van knolraap stond ooit bekend als snijmoes.

Op de foto staat de Noordermolen in Noorddijk, uit 1888. Dat was een van de eerste molens met kleppen in plaats van zeil op de wieken, om sneller voor de wind te kunnen zwichten. Kort na de introductie van deze zogenoemde zelfzwichting maakten stoomgemalen windmolens overbodig.

(Natuurdagboek Trouw donderdag 19 mei 2016)

Koolzaad koolraap knolraap raapzaad
DELEN