Klein-hoefbladbloem

Klein hoefblad, © K. Dijksterhuis

Over speenkruid heb ik het laatst gehad, al bloeide het toen nog niet. Nu wel, evenals die andere gele voorjaarsbloem: klein hoefblad. Dit jaar zag ik het eerste hoefblad bloeien op 11 maart, een maand na de eerste paardebloem. De flora is van slag, geloof ik, of raak ik zelf van slag?

Klein hoefblad wordt door veel mensen voor paardebloem aangezien. Ze lijken ook op elkaar: allebei gele zonnetjes, met van die sprietjes. Eenmaal uitgebloeid worden het pluizebollen. Paardebloem en hoefblad zijn verwant, zoals paard en hoef verwant zijn. Verwant, maar anders. De verschillen tussen beide bloemen zijn goed te zien. Klein hoefblad bloeit bovenop een schubbige steel, steviger dan de knakstengel van een paardebloem. Hoefblad heet dan wel blad, maar bloeit bladerloos. Paardebloem heet dan wel bloem, maar verschijnt eerst als blad. Hoefblad bloeit voordat het blad verschijnt, eenzaam steken de stengels uit de grond. Paardebloemen groeien uit een rozet van bladeren. Als paardebloemen uitgebloeid zijn, blijft hun blad groen. Hoefblad krijgt grote bladeren, maar pas na de bloei.

Paardebloemen zijn donkerder geel dan hoefbladbloemen. Paardebloemen zijn meestal groter, hoefbladbloemen zijn compacter, de gele sliertjes zitten dichter op elkaar gepakt. Die sliertjes zijn de bloemen. Wat één bloem lijkt, is een samenstelling van vele kleine bloempjes. Dat hebben paardebloem en hoefblad dan weer gemeen. Vandaar hun familienaam: composieten. Het zijn composities oftewel samenstellingen van bloemen. Het hart van de samengestelde klein-hoefbladbloem bestaat uit ruim dertig buisbloempjes. Die zijn mannelijk. De krans eromheen bestaat uit vrouwelijke lintbloempjes. Daarvan zijn er zowat tien keer zoveel.

Klein hoefblad wordt vaak als onkruid beschouwd. In mijn tuin mogen de plantjes altijd aanschuiven.