Honingzoete kaasplant

© Koos Dijksterhuis

De duinen kleuren hier en daar geel van het walstro. Geel walstro bloeit met kleine gele bloemetjes die een omgeslagen randje hebben. Samen vormen die bloemetjes vrolijke pluimen. Geel walstro kan best hoog worden, een meter wel, maar blijft meestal laag. Hoog worden kost namelijk energie die op de schrale duingrond niet altijd voorhanden is.

Walstro kan ook wit zijn, dan is het waarschijnlijk glad walstro. Als walstro wat ielere bloemetjes zou hebben en grotere blaadjes, dan zou het eruitzien als kleefkruid. Geef me dan maar walstro. Het is mooi, niet zo opdringerig en het blijft niet aan je sokken hangen.

Mocht u kans zien, bekijk zo’n plantje dan eens van dichtbij. De stengel is rond maar lijkt hoekig, vanwege de vier witte lijnen. Ruik eens aan de bloemen, vooral als ‘s avonds – honing! Vanwege die geur werd met walstro wel beddengoed gevuld. Walstro lokt er nachtvlinders mee, klein avondrood bijvoorbeeld, een niet zo kleine, rozerode pijlstaartvlinder. Op de plantjes kunt u de stevige avondroodrupsen vinden.

Geel walstro werd vroeger wel als stremsel gebruikt, bij het kaas maken. Nu komt dat stremsel uit de koe, lep heet het. Ooit werkte ik in een ecologische winkel, waar ik met een stalen gezicht vegetarische kaas verkocht. Mij leek dat een contradictio in terminis, maar de klanten kochten het zonder fronsen. Misschien was die kaas wel gestremd met walstro. Maar dan toch niet met geel walstro, want die vegetarische kazen waren altijd heel lichtgeel, terwijl geel walstro een kaas donkergeel kleurt, oranje bijna. Daar danken sommige Cheddar-kazen hun kleur aan en hun smaak, oorspronkelijk althans, tegenwoordig zal het wel kleur- en smaakstof zijn.