Het slachten van mysterieuze buit

Merel met larve grote spinnende waterkever. Foto Koos Dijksterhuis
Merel met larve grote spinnende waterkever. Foto Koos Dijksterhuis

Twee keer kreeg ik een foto toegestuurd met de vraag welke rups erop stond. Ik kwam een jongen tegen die een schepnet door een sloot haalde, en ook zo’n beest had gevangen. Hij wist niet wat het was. Mijn geliefde en ik zaten vorige week aan een vijver en zagen een merel bezig met een prooi…

Ik nam aan dat het een regenworm betrof maar door de kijker bleek het een ander schepsel Gods te zijn. Het beestje werd op merelmanier geslacht – opgepikt en op de grond gekwakt. Daar lag het in het gras. Het beklagenswaardige wezen was alleen zichtbaar tijdens oppikacties van de merel.

Het had eerder het postuur van een grote wegslak, zo’n naaktslak die alle jonge plantjes opeet, dan van een worm. Zo groot als een vinger, sigaarvormig, zwart. Het had een bloedzuiger kunnen zijn want in dezelfde vijver heb ik die wel gezien.

Maar nee, het was geen bloedzuiger, en een rups was het ook al niet. Het was de larve van een grote, spinnende waterkever. Dat is de grootste zoetwaterkever van Nederland. De larven kruipen uit een op een waterplant gesponnen nest. Ze vreten zich onder water vol aan wat er zwemt en kruipt, van slakken tot kikkervisjes, die ze met hun kaken grijpen. Als ze verzadigd zijn kruipen ze de oever op. Daar graven ze zich in om zich tot kever te verpoppen. Als kever gaan ze op vrijersvoeten.

‘Onze’ larve schopt het niet tot kever. Tijdens zijn korte bovengrondse en bovenwaterse bestaan werd ie gepakt door een merel. We gluurden roerloos door de takken naar de merel, want merels zijn schuwer dan ze lijken. Het was of de vogel ons tijdens zijn slagerswerk met een oranje omrand oogje aangluurde. Na een tijdje was de leverlarve kennelijk mals genoeg gebeukt en vloog de merel ermee weg.

Misschien at hij de buit elders zelf op, misschien ook voerde hij de delicatesse aan een jong dat op hem wachtte. Merelvaders zijn zeker zo betrokken bij de opvoeding als merelmoeders.

(Natuurdagboek Trouw maandag 22 augustus ’22)

Eén gedachte over “Het slachten van mysterieuze buit”

  1. Aha, de larve van een spinnende waterkever! Voer voor merels. Doet me denken aan het laatste jaar van ons zwembad ‘hors-sol’ in de tuin. Tot het onderhoud me teveel werd. Het jagen op waterkevers die zich heerlijk voelden in het water dat ik uit onze waterput het bad in pompte was een habitat voor die grote kevers en een ‘rainet’, een groener-dan-groen kikker met een doordringend stemgeluid. Met de temperatuur van de afgelopen periode van 40° miste ik dat bad soms wel. Ik miste ook de betovering van de fauna die op het bad afkwam. Van ‘frélon’ tot duif, van waterkever tot boomkikker. En drijvend op mijn rug de op een namiddag de wespendief, vliegend langs de muur van ons huis en afbuigend naar de bomenrij langs de beek die langs onze tuin stroomt. Ik heb dit jaar ons merelpaar elke dag kunnen zien, verbeeld ik het me of zijn ze groter dan eerder? De aandacht gaat naar de druiven die nu in het paviljoen groeien waar eens het zwembad stond.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.