Heggemus zingt

Heggemus (v) bij de vetbol. Foto Koos Dijksterhuis
Heggemus (v) bij de vetbol. Foto Koos Dijksterhuis

Zong hier gisteren een zanglijster, vandaag hadden er mezen, spreeuwen en een enkele merel kunnen zingen. Zelf heb ik die nog niet gehoord, maar ik woon op de Groninger permafrost, waar de dieren net als de mensen iets achterlopen. Roodborstjes en winterkoninkjes hoor ik trouwens dagelijks, maar die zingen ’s winters altijd door. Dat zijn einzelgängige types, die twee, en die laten vaak van zich horen om soortgenoten uit de buurt te houden.

Vorige week, op 21 december voor de preciezen onder u, de kortste dag, haastte ik mij langs de Veluwezoom naar een dorpsstation. Ik spitste mijn oren. Uit de top van een grote conifeer hoorde ik de eerste heggemus zingen. Mijn eerste heggemus, bedoel ik, anderen hebben er vast al eerder één gehoord. In 2014 hoorde ik dus mijn eerste heggemus van 2015. Het is een vroegeling van het volgende broedseizoen, niet een laatbloeier van vorig jaar.

Heggemussen zijn in Nederland algemene broedvogels. Het zijn geen mussen, ze heten mus omdat ze bruin met grijs zijn. Huismussen zijn wel mussen. Die zien er plomp uit, eten zaden en leven in groepen. Heggemussen zijn slank, eten insecten en leven alleen. Hun onopvallende kleur en hun in gebladerte verborgen leven houdt ze vaak uit het zicht. Maar hun zilverpapieren riedeltje kan ze de komende maanden niet aan het oor ontrekken. Tot minstens eind april zijn ze te horen.

Eind december – het laatste blad is nog maar net van de bomen gevallen, of daar begint de tijd van sneeuwklokjes, koerende duiven, roepende uilen, baltsende eenden, onrustige reigers en zingende heggemussen. Zodra de dagen lengen, begint het nieuwe leven.
Nee maar, daar ontglipt mij zomaar een eindejaarsbespiegeling!

(Natuurdagboek Trouw woensdag 31 dec. 2014)