Geelpootmeeuwen op de vlucht

Geelpootmeeuw, © K. Dijksterhuis

In Istanboel is het altijd goed toeven, maar zeker in de nazomer, als de vogeltrek op gang komt. Ooievaars die met duizenden over de Blauwe Moskee zwermen, arenden die omhoog cirkelen en in glijvlucht over de Bosporus zeilen. Dat zeilen doen grote vogels die te zwaar zijn om op eigen spierkracht naar Afrika te vliegen.  Omhoog schroeven doen ze op thermiek: warme, stijgende lucht. Thermiek is er alleen boven land en dus verdringen de vogels zich voor de Bosporus om de Middellandse Zee te omzeilen. Het is begin september aan de vroege kant voor de grote trek van arenden. De eerste schreeuwarenden passeren, maar wespendieven zijn er meer. Dat zijn grote, slanke buizerden.

We ontbijten op het dak van ons hotel. Er vliegen geelpootmeeuwen rond, hopend op ontbijtresten. Geelpootmeeuwen zijn zilvermeeuwen met gele poten. Soms zwerft er eens één naar Nederland, maar ze broeden rond de Middellandse Zee. In Istanboel vliegen ook Armeense meeuwen, een soort geelpootmeeuw uit de Zwarte-Zeekust van Oost-Turkije. Geelpootmeeuwen hebben net als zilvermeeuwen een gele snavel met een rode puist aan de onderkant. Bij Armeense meeuwen maakt die vlek ’s winters plaats voor een zwarte band. Leuk om die verschillen eens rustig te bekijken.

Ineens stijgen heuvelopwaarts van alle oude stadsdaken meeuwen op. Wat zijn er veel! Tientallen, honderden meeuwen zwermen naar beneden, richting Zee van Marmara. Ze komen op ons af en scheren over ons heen. Dan verschijnt de oorzaak van hun paniek: een enorme wespendief zweeft naderbij. Laten geelpootmeeuwen zich verjagen door een wespendief? Nee, deze vogel blijkt dichtbij veel groter dan een wespendief. Het is een havikarend. Onderweg naar de overkant van de Bosporus.