Flevoland mooi

© Koos Dijksterhuis

‘De natuur van Flevoland? Kon je geen andere provincie kiezen?’ Een vriend van me bespotte het uitzicht van de A-6: saai, lelijk! Ik begon als een evangelist de natuur van Flevoland te prijzen. Ik kon het weten, de hele lente struinde ik voor een boek door Flevoland. De wegen zijn er recht, de akkers groot, de boerderijen industrieel, de bedrijventerreinen troosteloos. Allemaal waar. Een schilderachtig boerenlandschap is er nauwelijks. Flevoland is ingericht tijdens de hoogtijdagen van de ruilverkaveling. Er hoefde niets herverkaveld te worden, het land kon op de tekentafel verdeeld worden in grote rechthoeken: de toekomstige percelen. De geplande bossen bestonden meestal uit een aantal van zulke percelen: recht en hoekig. Romantisch klinkt dat allemaal niet. Maar waar de rest van Nederland met zijn eeuwenoude cultuurlandschap is platgespoten, rechtgetrokken en ontwaterd, ging het in Flevoland juist de goede kant op. Het begon met Kamperhoek, ’s lands eerste natuurontwikkelingsterrein, met moerasbos, water en natte rietvelden. De Oostvaardersplassen volgden, dat met zeldzame vogels internationale faam verwierf. Ze zijn vaak nat, de natuurgebieden van Flevoland. Moerassen, plassen, randmeren; Flevoland heeft er veel van. Met bevers, roerdompen en grote karekieten. De provincie wil natuurlijke overgangen tussen land en water. Kustzones mogen verdrassen, voor de kust vallen moeraseilandjes droog. Nou ja droog…

Geen provincie is zo ver met de Ecologische Hoofdstructuur als Flevoland. Terwijl de landelijke rentmeesters Nederland willen asfalteren, legt de provincie het Oostvaarderswold aan. En er is al veel bos. En wat voor bos! Qua bos staat Flevoland met stip op 1 in de Nederlandse provincietop. Net als de landerijen zijn de bossen er groot. Het Horsterwold is één van de grootste loofbossen van de Europese Unie. Het heeft bosranden van meidoorn, sleedoorn, liguster, wegedoorn en zoete kers. Er broeden zwartkopjes, nachtegalen, wielewalen, appelvinken. Er hebben zelfs grauwe klauwieren gebroed.

De Flevolandse bossen zijn jong, al zijn ze toch al veertig, zestig jaar oud. En ze staan op vruchtbare klei. Vrijwel alle Nederlandse bossen staan op arme zandgrond. In Flevoland groeide het bos sneller dan houtvesters voor mogelijk hielden. De bomen werden groot, het bos lijkt ouder dan het is. De maagdelijke zeebodem vol schelpenkalk heeft bovendien bijzondere varens, mossen en zwammen het bos ingelokt. Sommige wegbermen kleuren paars van de orchideeën.

En het mooiste: je komt in Flevolandse bossen geen mens tegen! Dat komt, er is veel bos en er zijn weinig Flevolanders. Randstedelingen zijn bereid uren in de file te rijen voor een snuifje Veluwe. Niet voor een snuifje Flevoland. Ze denken dat Flevoland lelijk is. Ze denken aan regelrechte wegen door platte polders. Ze denken dat de enige natuur er de Oostvaardersplassen zijn. Laat ze dat maar denken, anders komen ze nog met miljoenen in hun auto’s naar Flevoland. De Flevolandse natuur is natuur voor liefhebbers van groots en stoer en tegelijk voor fijnproevers.

Die vriend van me wilde na mijn betoog wel eens wat meer zien van Flevoland dan de bermen van de A-6. Ik liet hem een vossenfamilie zien langs de Praamweg, het uitzicht op de Stille Kern, de zeearend in het Ketelmeer, oranjetipjes in het Harderbos en dodaarzen in het Horsterwold. Ze staan in het van foto’s doorspekte boek Jong en wild, het boek over de Flevolandse natuur, dat gisteren verscheen. Ook koekoeken, boommarters, ringslangen, kluifjeszwammen, tongvarens, bijenorchissen, oeverspinnen, weidebeekjuffers en smaragdlibellen bevolken dit boek. En boswachters, natuurtalenten, boeren, bestuurders en wandelaars en de gebieden waar ze werken of wandelen. Voor een tientje bij de KNNV – dat was een goed Sint-cadeau geweest! Te laat. U moet het ook niet lezen, ga liever zelf kijken in Flevoland. U zult versteld staan!

Eén gedachte over “Flevoland mooi”

  1. Geachte heer Dijksterhuis,

    Met veel genoegen lees ik uw artikelen in Trouw. Maar tijdens het lezen van bovenstaand artikel bekroop mij het gevoel dat dit alleen ging over de bossen in het “Flevoland” deel van de provincie.
    Ik weet wel zeker dat u op de hoogte bent van het bestaan van de prachtige bossen in het “Noordoostpolderdeel” van de provincie. Iets meer verwijzing in die richting zou mijn leesgenoegen nog hebben vergroot.
    Veel succes met uw publicaties !

    Met vriendelijke groeten,

    Kees Wagemaker
    Emmeloord

Reacties zijn gesloten.