Een weekend aan het strand

Slangster (dood). Foto Koos Dijksterhuis
Slangster (dood). Foto Koos Dijksterhuis

Het zonnige weekend brachten wij door op het strand van Schiermonnikoog. Op de warmste vakantiedagen zijn de drukste delen van dat strand even vol badgasten als het strand van Zandvoort op een dinsdagmorgen in oktober. Ruimte zat voor graafwerkzaamheden in de waterlijn, voor schelpen zoeken en voor zwemmen. Het zeewater is geen drab van menselijke uitscheidingen onder een vlies zonnebrandolie. Wel ligt er vuilnis in de vloedlijn, maar dat ligt in alle vloedlijnen op de wereld, van noord- tot zuidpool.

Boven zee wieken grote sterns heen en weer. Ze krassen tegen elkaar. Ze duiken als raketten de zee in om zandspiering te vangen. In de vloedlijn patrouilleren meeuwen. Die schrapen zwaardschedes leeg en werken forse zeesterren naar binnen. De zeeanemonen laten ze liggen. Mij lijkt zo’n stekelhuidige zeester geen tractatie. Ik herinner me Wouter Klootwijk die op tv zeesterren bakte. Er droop een soort pudding uit, die tijdens aarzelende consumptie tot een alarmerende gezichtsuitdrukking leidde. Maar de meeuwen vechten erom.

Na die ene zomerstorm heeft het een dag of vijf hard gewaaid vanuit zee. Dat is te merken. Er is veel drijvend spul aangespoeld: behalve bami-verpakkingen en frisdrankflesjes liggen er zeeëgels, schelpen van inktvissen, rugschilden van strand-, zwem-, noordzee- en helmkrabben, een roggeneikapsel, wulkeneieren, goudkammetjes en zandkokerwormen. Ook ligt er een fraaie, roze zeenaaktslak in de vloedlijn. En zoon vindt een levende slangster, die met de naaktslak in zee wordt vrijgelaten.

Een slangster is een zeester met vijf lange, dunne armen. Slangsterren zijn algemeen, maar leven in dieper water dan gewone zeesterren. Daar schuiven ze op hun armen over de bodem en werken ze organisch afval naar binnen. De stervormige mond bevindt zich midden onder hun ronde lijf.

(Natuurdagboek Trouw dinsdag 4 aug. 2015)

Een weekend aan het strand
DELEN