Dronken van oranje bessen

Duindoorn. Foto Koos Dijksterhuis
Duindoorn. Foto Koos Dijksterhuis

In de duinen zijn sommige duindoorns nog oranje van de bessen. De bessen zijn niet vers meer, vogels eten ze met mate. Maar goed ook, want veel bessen zijn gegist. Ik heb spreeuwen gezien, die dronken rondfladderden. Ze zongen niet met dubbele tong, maar wel met dubbele syrinx, zoals het strottenhoofd van vogels heet. Daar hebben sommige zangvogels er twee van.

Duindoorns zijn stekelige struiken die het goed doen op kalkrijke bodem. Ze kunnen ook tegen scherp stuifzand en tegen zout. Ze staan dus vaak in duinen langs de kust, want daar stuift zand en is het scherp, zout en rijk aan kalk van verpulverde schelpen. Kalk borrelt met het grondwater naar boven in duinvalleien, bekende groeiplaatsen van kalkminnende planten. Voor duindoorns moeten er bepaalde schimmels zijn, met wie de wortels samenwerken. Daarbij wordt een beetje stikstof afgegeven. Zo doen duindoorns net als klaverachtigen aan bemesting. Rond duindoorns kan een weelderige vegetatie ontstaan, ook al is de bodem voedselarm.

Mocht duindoorn op kalk-, maar ook voedselrijke bodem staan en niet overwoekerd worden door vlieren of meidoorns of andere grote jongens, dan kan duindoorn zelf uitgroeien tot fikse hoogte. Maar meestal is de duingrond niet zo voedzaam en blijven duindoorns onder de twee meter.

Duindoornbessen zitten vol vitamine-C en -E. Om duindoornbessen te consumeren, moeten ze eerst verwerkt worden tot bijvoorbeeld zoete siroop. Geplukt van de struik zijn de bessen zo zuur en wrang, dat uw mond zich er vacuüm door zou zuigen. Vogels hebben duidelijk een andere smaakbeleving en kunnen zich er in de herfst op vrijwillige basis aan volvreten. Soms met dronkemansvlucht als gevolg. Of die vogels ook wel eens een kater krijgen, is mij niet bekend.

(Natuurdagboek Trouw maandag 29 feb. 2016)