De vijf tinten grijze junco

Grijze Junco. Foto Jaap Denee
Grijze Junco. Foto Jaap Denee

Voor een grijs vogeltje vind ik de grijze junco kleurig. Kastanjebruin is zijn rug, als een mus. De rest is grijs, maar wel minstens vijf tinten grijs. Langs zijn staart gloort een zoompje wit. En zijn dikke, stompe snavel is geelroze.

De grijze junco haalde gisteren deze krant al, in een bericht van uw correspondent Karin Sitalsing die er als de kippen bij was om deze vogelsoort af te vinken. Ik kwam haar tegen en we keken hoofdschuddend naar de rij vogelaars achter hun kapitale verzameling geslepen glas. Zelf was ik natuurlijk één van die vogelaars. Als er zo’n zeldzame vogel op tien minuten fietsen van huis zit, ga ik kijken. Een grijze junco was één keer eerder in Nederland gezien, in 1962.

Ik fietste erheen, de zon scheen, de lucht was blauw, de junco was gezien maar nu weg. Dat had ik weer. Even later zag iemand hem toch. Ik zag hem ook, hij schoot heel even door mijn kijkerbeeld. Later zag ik hem langer op een paadje rond hippen. Net een mus, maar dan anders.

Een paar jaar geleden zag ik hier vlakbij de twee haakbekken, ook al zo zeldzaam. Zou er een verzamelaar van zeldzame vogels wonen die ze soms laat ontsnappen? Nee, verzekeren de vogelaars mij. De junco draagt geen ring en de soort is zeer algemeen in Noord-Amerika, waar onlangs een felle winterkou inviel.

Grijze junco’s broeden in Amerikaanse bossen, op of vlak boven de grond. ’s Winters schuimen ze in groepen de velden af. De Canadese broedvogels hangen dan veel zuidelijker rond. Deze junco moet dan flink uit de koers zijn geraakt. Vierduizend kilometer oceaan oversteken om in een soort vogelaarwijk te belanden.

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 6 feb. 2015)

De vijf tinten grijze junco
DELEN