De bosrand van de singel

Zonsopkomst achter het huisje. Foto Koos Dijksterhuis
Zonsopkomst achter het huisje. Foto Koos Dijksterhuis

Naar Schiermonnikoog, voor het eerst sinds september. Het dorp is lichter dan ooit. Veel van de iepen zijn gevloerd. Ik had de schade van de orkaan van eind oktober nog niet gezien.
Rond ons huisje liggen de terrassen en het grasveld onder de afgebroken takken. Maar de bomen in de singel staan nog overeind. Huurders hadden ons gewaarschuwd, dat het huisje de storm glansrijk doorstond. Ook de zonnepanelen bleven stoïcijns liggen.

De windsingel camoufleert het zomerhuisjespark. Omgekeerd beschermt hij de huisjes tegen wind en weilanden. Ooit vonden we het jammer dat de bomen het uitzicht op de opkomende zon en de zeedijk belemmerden. Maar de veeteelt intensiveerde, en het was maar goed dat de singel inwaaiende drijfmest tegenhield. Tijdens het mest uitrijden was de stank niet te harden.

De singel werd ouder en hoger, met aan weerszijden een dicht begroeide bosrand. Groen tot op de bodem. In het struikgewas scharrelden egels, broedden zwartkopjes en zelfs braamsluipers. Helaas denken mensen bij bomen vaak aan bijlen en zagen en ja hoor, er werd door het zomerhuizencollectief een smoes gevonden om de buitenste bosrand te vernietigen, zodat er een onverharde weg om het parkje kwam te liggen, waarover groot materieel kon rijden. Dat er ook vakantiegangers en honden zouden lopen was niet gepland. En dus kwamen er hoge, afschrikwekkende hekken.

Maar de bosrand was weg, het bos lag open, de braamsluipers meldden zich niet meer. Er viel zonlicht op de bodem onder de bomen en vooral waaide er mest naar binnen. Braamstruiken woekerden gretig om zich heen. En er kwam weer uitzicht. Op de weiden? Nee, het gras was vervangen door snijmaïs, het gewas dat meer drijfmest verdraagt dan welk gewas ook.

(Natuurdagboek Trouw 26 feb. 2014)