Bloemennaam in tongen

Pinksterbloemen. Foto Koos Dijksterhuis
Pinksterbloemen. Foto Koos Dijksterhuis

Na mijn bericht over pinksterbloemen kreeg ik reacties van lezers die al pinksterbloemen hadden zien bloeien en oranjetipjes vliegen. Intussen is ook de permafrost van Groningen door het lila der bloemen en het oranje der tipjes bereikt.

Voorts werd mij medegedeeld dat pinksterbloemen in de Alblasserwaard paasbloemen worden genoemd. Dat is een kloppender naam omdat pinksterbloemen meestal met Pasen bloeien en met Pinksteren uitgebloeid zijn. Ik had in het Natuurdagboek die anachronistische bloeigewoonte opgemerkt en dat kwam me op twee alternatieve naamsduidingen te staan. De pinksterbloem zou niet naar Pinksteren verwijzen.

Volgens de ene verklaring zou pinksterbloem verwijzen naar het jongvee dat in de bloeitijd van de pinksterbloemen voor het eerst na de winter weer naar buiten mag. Na ontgroeien van het kalfstadium heet een jonge koe een pink. Dat pinkenbloem dan meer voor de hand zou liggen dan pinksterbloem, à la. Maar tegenwoordig worden pinken niet eerder geweid dan koeien, eerder later, als de pinksterbloemen allang uitgebloeid zijn. Dat kan een eeuw geleden anders zijn geweest, maar waarom zouden toen in de lente slechts de pinken naar buiten gelaten zijn?

Volgens de andere verklaring zou pinksterbloem verwijzen naar de kleur van de bloemen. Pink is immers roze? Een lollige verklaring. Maar die roept meteen volgende vragen op: waarom zou je een lila bloem roze noemen? En waarom zou je hem een Engelstalig kleurtje geven? In het Engels heet een pinksterbloem ook geen pinkflower maar Pentacost flower. Pentacost betekent Pinksteren.

Kortom, de pinksterbloem is volgens mij nog steeds genoemd naar Pinksteren, wat op etymologiebank.nl bevestigd wordt. Rest de vraag: waarom heet dat feest Pinksteren? Dat zou een verbastering zijn van pentekoste, oud-Grieks voor vijftig; de vijftigste dag na Pasen. Men sprak toen dan ook in tongen, en daar komen rare namen van.

(Natuurdagboek Trouw maandag 25 april ’22)