Blindeman en broer

Cavias. Foto Koos Dijksterhuis
Cavias. Foto Koos Dijksterhuis

Eén van onze cavia’s maakt een tevredener indruk sinds hij blind is. Hij ziet het felle licht niet en hoeft niet de duisternis van het nachthok op te zoeken, zoals zijn broer. Terwijl broer daar in het donker zit te suffen en te schijten, knabbelt blindeman aan het gras.
Broer sjeest bij iedere onverwachte beweging, bijvoorbeeld een overvliegende kraai, naar binnen. Blindeman doet dutjes in de zon, waarbij hij graag tegen een bloem leunt. Bloemen die niet lekker smaken en in het begraasde gras een kans krijgen. Hij laat een spoor geknakte bloemen achter.
Blindeman beweegt minder en eet meer dan zijn broer en je hoeft geen Nostradamus te zijn om te voorspellen wat er dan gebeurt: hij wordt dik. Met zijn lijvige achterwerk schommelt hij door de tuin.

Meneer leeft onbekommerd omdat hij geen gevaar ziet, maar het gevaar ziet hem wel. Een krassende kraai krijgt hem nog in de benen, maar de eksters slaan zwijgend toe. Ze pikken hem van achter. Wij hoeven maar te bewegen of weg zijn de eksters maar ze komen terug. Ineens krijgt de argeloze sukkelaar een venijnige pik in zijn pootje. Hij snapt er niks van en kan de weg naar het hok zo gauw niet vinden.
Een keer treffen we Blindeman aan met twee stukgepikte pootjes. Rood van het bloed sleept hij ze achter zich aan. Hij probeert te lopen, kreupelt en valt op zijn zij. Ook zijn oor bloedt.
We verwennen hem met paprika en witlof. Na twee dagen zonder eksters hobbelt hij weer vrolijk rond. We halen er een kleine, afgesloten ren bij, waarin we hem opsluiten als we weg gaan. Daar is hij veilig.

(Natuurdagboek Trouw 6 juni 2014)