Blaaskop

Blaaskopvlieg Conops flavipes op kruldistel. Foto Koos Dijksterhuis
Blaaskopvlieg Conops flavipes op kruldistel. Foto Koos Dijksterhuis

Laatst schreef ik over zweefvliegen die lijken op wespen. Blaaskopvliegen lijken nog sterker op wespen. Misschien deinzen hommels en bijen wel terug als zo’n blaaskop haar eitjes dumpt. De blaaskopvliegenlarven eten namelijk die van bijen of hommels of echte wespen. Echte wespen verdragen een blaaskopvlieg misschien beter als die op hen lijkt.

Of de vliegen ook de geur van hun gastouders imiteren, weet ik niet. Dat is minder belangrijk, want de blaaskopvliegenvrouw hoeft niet een nest binnen te dringen. Ze klampt zich in de lucht vast aan een vliegende wesp, bij of hommel. Met een soort tangetje wrikt ze de buik van de ongelukkige uitverkorene open. Daar dumpt ze haar eitje in. Dat eitje heeft een kleine uitstulping die als weerhaak fungeert, zodat ie er tijdens de vlucht niet uitvalt. Wespen, bijen en hommels dragen de eitjes zelf naar hun nest. Sommige soorten blaaskopvliegen parasiteren op sprinkhanen, waar ze niet op lijken. Misschien kunnen ze evolutiegewijs niet op zulke verschillende insecten gaan lijken.

De blaaskopvlieg op de foto is een Conops flavipes. Die soort parasiteert op hommels. De soort is niet zo zeldzaam en leeft aan bosranden. Deze leefde in een Oost-Duitse bosrand waar het leefde van de insecten. De bloem waarop hij zit is een  kruldistel. Dat is een fraai bloeiende distel die wel vaker aan in zonnige bosranden staat. Kruldistels werden vroeger gebruikt om wol en katoen te kaarden.

Een volwassen blaaskopvlieg leeft niet van andermans larven of eitjes, maar zuigt nectar uit bloemen. Dat doen ze met hun lange zuigsnuit. Ze delen een bloem vaak met zweefvliegen. Blaaskopvliegen hebben een dikke kop, ze zien er opgeblazen uit. Hun achterlijf is vaak heel krom.

(Natuurdagboek Trouw 24 juni 2013)