Bezoek van Ekie

Eekhoorn. Foto Koos Dijksterhuis
Eekhoorn. Foto Koos Dijksterhuis

Ons vakantiehuisje in de Ardennen ziet uit op een moeras tussen twee sparrenbossen. Vlakbij staat een vogelhuis op de reling van de vlonder. Het vogelhuis heeft twee verdiepingen, een afdak en een balkon. We leggen er wat kruimels maar alleen een vermetele vink en een moedige mees wagen zich erbij.

De volgende ochtend horen we gescharrel. We kijken uit het raam en zien een eekhoorn bij het vogelhuis. Slechts weinig dieren kunnen zich in schattigheid meten met een (rode) eekhoorn. Die staart! Die oorpluimen! De kruimels worden opgeknabbeld met twee pootjes voor de snuit. Het is dat ik een man ben, maar de melk zou er spontaan van toeschieten.

Als de kruimels op zijn, springt de eekhoorn soepel weg. Ik sluip naar het slaapkamerraam waardoor ik hem in een berk zie zitten. Hij houdt de vlonder in de gaten: zou er nog wat komen? Natuurlijk komt er nog wat. Broodkruimels en een plakje banaan. Daar is ie alweer. De banaan wordt er direct uitgepikt. Ekie klimt ermee in een boom en klemt het in een takkenvork. Voor later. Systematisch wordt de vlonder afgewerkt en ontdaan van eetbaarheid.

Ineens springt Ekie op de reling. Hij maakt schokkende bewegingen met zijn staart en piept even: zacht en hoog. Hij klimt in de boom van de banaan en blijft schokken met zijn staart. Dat moet een alarmsignaal zijn. Heeft hij een kat gezien? Huiskatten zijn voor veel kleine dieren gevaar nummer 1. Ik kijk door het zijraam. Daar komt inderdaad een kat aangestapt. Ik open het raam en zeg ‘ksssjt’. Binnen een uur passeren er drie verschillende katten. Er passeren ook drie reeën. Maar Ekie is eregast.

(Natuurdagboek Trouw vrijdag 29 april 2016)