Beflijster in de touwen

Beflijster met touwtjes, © Marcel Lindema

Toen ik afgelopen april drie keer per week in de Oude Schicht naar Flevoland rammelde, leerde ik als geen ander de bermen van de A-6/A-7 kennen. Ik schreef daarover in het Natuurdagboek. Mij viel een doodgereden blauwe kiekendief op, die één vleugel als een baken opgestoken hield. De vogel bleef er drie weken op dezelfde manier bij liggen. Ik had verwacht dat kraaien, aaskevers of maden het karkas sneller zouden wegwerken. Maar het was koel en droog en de kiekendief werd door de maaimachine van Rijkswaterstaat ontleed.

Na dat natuurdagboek stuurde preparateur Marcel Lindeman een mailtje naar een ornithologisch angehauchte Trouwredacteur. Die Dijksterhuis nam een dode blauwe kiekendief toch wel mee? Nee, want hij lag in de middenberm en het was druk op de weg. Te druk om in de vluchtstrook te stoppen en naar de middenberm over te steken. Tegenwoordig is het bijna altijd druk op bijna iedere snelweg.

Kort daarna vond Ypke Huisman achter zijn huis in Sauwerd een dode beflijster. Beflijsters zien eruit als merels met een witte dwarsband over hun borst. Ze trekken begin mei door Nederland naar het noordoosten. Deze beflijster trof helaas Ypkes raam op zijn weg. Of ik belangstelling had? Jawel, een beflijster is bijzonderder dan de dode vogels die ik op mijn vijftiende inspoot met formaline. Grote vogels sleepte ik naar een preparateur die ze in ruil voor twaalf weken zakgeld opzette. Die vogels zijn ondertussen door motten of mijten ontvederd en weer een lijk in de kast, ach, ik heb al genoeg spullen. Gelukkig wilde de Trouw-redacteur hem wel en ondertussen heeft hij hem, zonder touwtjes.