Op de vlucht

IJsberen op Spitsbergen. Foto Koos Dijksterhuis
IJsberen op Spitsbergen. Foto Koos Dijksterhuis

Op de radio hoorde ik een nieuwslezer opgewekt verkondigen dat het vliegverkeer weer was hersteld tot het niveau van voor de corona-lockdowns en dat het treinverkeer was gehalveerd. Dat vliegverkeer zal naar verwachting verder toenemen, want we hebben heel wat weekjes Ibiza en weekendjes Rome in te halen. Bovendien hebben we een vlucht naar de zon wel verdiend na onze ontberingen. Twee jaar in eigen land op vakantie; wat een lijdensweg! Lees “Op de vlucht” verder

Rietgors, rocker in het riet

Rietgors. Foto Koos Dijksterhuis
Rietgors. Foto Koos Dijksterhuis

Gisteren schreef ik op deze plek over de groepen die ik rondleidde door de Onlanden bij Groningen. Ik had tijdens een proefronde zes verschillende blauwborstjes langdurig in het zonnetje zien poseren, evenals een heleboel rietgorzen en rietzangers, benevens grasmussen, graspiepers, gele kwikstaarten, putters en een roodborsttapuit.

Al die zangers lieten zich tijdens de excursies weliswaar ook zien, maar slechts zo kort dat de ongeoefende vogelaars in het gezelschap ze niet in de kijker kregen. Dat lag aan de wind. Zangvogels zijn terughoudend met vluchtjes als het zo hard waait. Grasmussen, graspiepers, rietzangers en blauwborstjes maken in deze tijd van het jaar charmante baltsvluchtjes, waarbij ze zingend een eindje opvliegen om zich als een parachuutje omlaag te laten dwarrelen. Dat deden ze nu niet, ze zouden maar wegwaaien. Lees “Rietgors, rocker in het riet” verder

Vastberaden visarend

Visarend. Foto Koos Dijksterhuis
Visarend. Foto Koos Dijksterhuis

Zaterdag toog ik twee keer met deelnemers aan de cursus Natuur voor beginners de Onlanden in, een jong moerasgebied bij Groningen.

Het was zonnig maar het waaide hard uit het oosten. Zo hard, dat de zangvogels die zich twee dagen eerder nog massaal lieten zien, nu onzichtbaar in het riet zaten te zingen. Die wind maakte wel de kans groter op zeldzame trekvogels, die westwaarts uit de koers geblazen werden. En aangezien eind april midden in de trektijd valt van visarenden, hoopte ik heimelijk op zo’n fraaie reus. Lees “Vastberaden visarend” verder

Bloemennaam in tongen

Pinksterbloemen. Foto Koos Dijksterhuis
Pinksterbloemen. Foto Koos Dijksterhuis

Na mijn bericht over pinksterbloemen kreeg ik reacties van lezers die al pinksterbloemen hadden zien bloeien en oranjetipjes vliegen. Intussen is ook de permafrost van Groningen door het lila der bloemen en het oranje der tipjes bereikt.

Voorts werd mij medegedeeld dat pinksterbloemen in de Alblasserwaard paasbloemen worden genoemd. Dat is een kloppender naam omdat pinksterbloemen meestal met Pasen bloeien en met Pinksteren uitgebloeid zijn. Ik had in het Natuurdagboek die anachronistische bloeigewoonte opgemerkt en dat kwam me op twee alternatieve naamsduidingen te staan. De pinksterbloem zou niet naar Pinksteren verwijzen. Lees “Bloemennaam in tongen” verder

Blauwborstjes laten zich zien en horen

Blauwborst. Foto Koos Dijksterhuis
Blauwborst. Foto Koos Dijksterhuis

Het leuke van april is dat in de natuur het leven losbarst, zeker met dit zonnige weer, al ligt verdroging op de loer. Allerlei vlinders, bijen, zweefvliegen en libellen verschijnen, allerlei planten schieten op, bladeren botten uit en vogels arriveren uit Afrika.

Visdiefjes, rietzangers, braamsluipers komen binnen, de eerste karekieten, grasmussen en tuinfluiters dienen zich aan. Al een week of drie worden er blauwborstjes gezien. Net ver van mijn huis is een plek waar je er, als je er geduldig blijft staan, meestal wel twee te zien krijgt. Twee mannetjes die zich in vol ornaat vertonen en laten horen. Ze zingen een veelzijdig en chaotisch repertoire, en combineren dat graag met een baltsvluchtje. Dan fladderen ze op en laten ze zich weer naar de aarde zweven met een opgewekt staartje. Er zijn meer zangvogels die dat doen, grasmussen en rietzangers bijvoorbeeld. Lees “Blauwborstjes laten zich zien en horen” verder